Skip to content

Monty Python’s Flying Circus

Iedereen moet Monty Python’s Flying Circus een keer gezien hebben. Of je de humor kan waarderen of niet, het is culturele opvoeding. Punt. John Cleese, Graham Chapman, Eric Idle, Terry Gilliam, Terry Jones en Michael Palin vormden de hechte komediegroep Monty Python, en mochten zich met Monty Python’s Flying Circus naar hartelus uitleven. Hun sketches ontregelden, schuurden, gaven commentaar op zichzelf, of hielden abrupt op zonder een conclusie. Het was satirisch, absurdistisch, surrealistisch, dadaïstisch, en vooral: ontzettend grappig. Ik leerde hun humor jaren geleden kennen.

Tijdens een marathonuitzending op TV werden alle afleveringen vertoond. Ik wist niet wat ik zag. Net toen ik doorkreeg welke afslag een sketch zou nemen, stoomden de mannen doodleuk verder naar de volgende grap. Terry Gilliam mocht de dolle boel aan elkaar lijmen met maffe knipselcollages. Het effect is een associatieve stroom aan grappen en visuele vervreemding.

Hoewel “samenhang” niet direct met de serie geassocieerd zal worden, is die toch wel aanwezig. Door hun eigen onzin zo consequent mogelijk door te voeren, ontstaat er juist een merkwaardige, op zichzelf staande logica. Je weet dat er iets raars staat te wachten, waardoor dat rare niet zozeer onderbreekt, maar perfect in de sketch past. Er ontstaat zo lachwerk waarbij ook de hersens worden geprikkeld. Het is geen hapklare humor, er zit ook een intellectuele laag onder. Niet voor niets zijn er volop verwijzingen naar onder andere filosofen.

Je weet dat er iets raars staat te wachten, waardoor dat rare niet zozeer onderbreekt, maar perfect in de sketch past.

Niet alles is even geniaal. De eerste aflevering opent met een flauwe grap over hoe beroemdheden zijn gestorven. Maar wanneer de grap de lachspieren treft, komt het ook echt goed binnen. In de kaassketch probeert Cleese kaas te kopen in een kaaswinkel. En in de beroemde sketch over de dode papegaai gaat hij een discussie aan met de verkoper over de status van het beest. Michael Palin schittert dan weer in het lied over houthakkers. En natuurlijk heeft Monty Python het woord “Spam” zijn beruchte status gegeven.

Chapman is na een slopende ziekte overleden. De rest van de groep is later uiteengegaan. Idle, Palin, Jones en uiteraard Cleese hebben, met wisselend succes, het acteerpad gevolgd. Gilliam bleef achter de camera staan. De sketches zijn gebleven, en zijn nog altijd even humoristisch als toen ze voor het eerst werden uitgezonden. Destijds gold deze humor als revolutionair, de tijd ver vooruit. Tegenwoordig is het lang en breed overgenomen door andere grappenmakers.

Iam McNaughton & John Howard Davies/John Cleese , Graham Chapman, Eric Idle, Michael Palin, Terry Gilliam en Terry Jones

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: