Dumbo

Zoals het hoort in sprookjes wordt Dumbo in een bundeltje door de ooievaar bij zijn moeder gebracht. Als zijn bundeltje openvouwt valt direct iets op: zijn oren. Die zijn reusachtig. Met zijn oorvleugels is het olifantje het middelpunt van spot, zelfs kinderen zetten hem voor gek. Zijn moeder wilt hem beschermen en komt daardoor in isolement terecht. De andere olifanten willen niets met hem te maken te hebben en sluiten hem buiten. Zijn enige vriend is Timmy, de circusmuis. Dumbos lot lijkt te keren als hij een bijzonder takent blijkt te hebben: zijn flaporen maken het hem mogelijk om te vliegen. Dat talent komt trouwens later aan bod, in het laatste kwartier van de film. Ik vraag mij af hoe een getekend olifantje er jaren later nog in slaagt een publiek te vinden.

Lees verder “Dumbo”