Poesía sin fin

 

Samen met regisseurs als David Lynch heeft de Chileense filmmaker Alejandro Jodorowsky zijn bijdrage geleverd aan de zogenaamde nachtcinema. Films die het daglicht niet konden verdragen en daarom in de nachturen werden vertoond. Wie is er bijvoorbeeld bekend met parels als El Topo of La montana sagrada? Intussen is Jodorowski wat meer mainstream geworden en draaien zijn films ook gewoon ’s avonds. Zoals Poesía sin sin, een vervolg op het autobiografische La Dansa de la realidad. Ook dit werk is een autobiografische film, waarin Jodorowsky kennismaakt met het artiestenleven en steeds meer vervreemd van zijn tirannieke vader.

Het is een film die je niet zomaar eventjes kijkt, al behoort het tot de meer toegankelijkere werken van Jodorowsky. Hij is meer geïnteresseerd in het scheppen van een vervreemdende, absurde sfeer, waarin humor en ontroering hand in hand gaan. Ook kan hij het zelden laten zijn filosofische ideeën in zijn films te verwerken, wat nogal eens kan zorgen voor meanderende zijpaadjes.

Ik kan daar zelf erg van genieten. Je wordt meegenomen naar een andere wereld en ontmoet de meest uitzinnige personages. Het enige minpuntje is dat het allemaal wel erg gelikt aanvoelt en op momenten wel erg vrolijk. Ik heb niks tegen vrolijke films (Boyhood is één van mijn favorieten), maar in dit geval kan het geforceerd overkomen. Hoe de jonge Jodorowsky aankomt bij een gezelschap van artiesten en zijn gedichten juichend worden ontvangen, bijvoorbeeld. Hij kan ongetwijfeld mooi dichten maar zo bijzonder is het nu ook weer niet.

Afgezien daarvan is Poesia Sin Fin een lust voor het oog en laat Jodorowsky zien op hoge leeftijd (hij is inmiddels 87) nog steeds in vorm te zijn. Dit schijnt een trilogie te moeten worden, ik kijk uit naar het derde deel.

Arrival

 

Hij heeft een remake/vervolg van Blade Runner gemaakt die later dit jaar te zien zal zijn. Je zou de sciencefictionfilm Arrival een vingeroefening kunnen noemen van de Canadese filmmaker Denis Villeneuve, dat is net zoiets als The Beatles beschrijven als een jongensband.

Het lijkt een vrij normale dag voor taalkundige Louise Banks (Amy Adams), als er plots ruimteschepen op aarde landen. Alles en iedereen wordt op scherp gezet en Louise wordt direct gerekruteerd door het leger. Niet om te vechten, maar om te communiceren met de bezoekers. Ze krijgt daarbij hulp van onder meer Ian Donnelly (Jeremy Renner). Intussen krijgen we in flashbacks een vorig leven van Louise te zien. Zo is ze getrouwd geweest en verloor ze haar dochter aan een mysterieuze ziekte.

Arrival is het soort film waarin er niet direct sprake is van spectaculaire gevechten met de buitenaardse wezen, maar eerst geprobeerd wordt om contact met ze te leggen. En hoe dit verloopt. Louise komt er al snel achter dat de wezens – die overigens doen denken aan de monsters uit de werken van Lovecraft – “praten” door middel van wiskundige codes. Deze zitten verstopt in afbeeldingen die veel weg hebben van de zogenaamde Rorschachvlekken.

De film doet serk denken aan 2001: A Space Odyssee van Stanley Kubrick. Arrival beweegt zich eveneens voort op trage manier en besteedt veel aandacht aan de psychologie achter het verhaal en de personages. Het dwingt je om na te denken over hoe wij met elkaar communiceren en hoe complex taal eigenlijk is. Dankzij de schitterende soundtrack krijgt de film ook nog eens een fijn psychedelisch onderlaagje.

De meningen zijn wat verdeeld over het eind, ikzelf vond dit juist alles afmaken. Nadat Villeneuve bijna twee uur lang met puzzelstukjes heeft lopen strooien, valt alles op zijn plaats. En komt alles ineens in een heel nieuw licht te staan. Ik wil maar al te graag de film opnieuw kijken en de diepere lagen ontwaren. Dat zijn nu de betere films.

FilmBekeken Filmtop #30

Nocturnal Animals

Toen Tom Fords tweede film  Nocturnal Animals begon in het kleinste zaaltje van Cinecenter, vroeg ik mij nog even af of ik niet per ongeluk in de verkeerde zaal zat. Of dat de verkeerde film werd vertoond. Het begint met corpulente, poedelnaakte vrouwen die onder de glitters zitten en enthousiast dansen. Hun bewegingen zijn in slowmotion opgenomen, wat het vervreemde element nog meer benadrukt. En dan, boem, komt Susan Morrow (Amy Adams) in beeld. Ze kijkt strak voor zich uit, alsof de wereld om haar heen niet bestaat.

Later die avond wordt een boek bij haar geleverd, geschreven door haar ex-man Edward Sheffield (een indrukwekkende rol van Jake Gyllenhaal). Het is een boek waarin een gewelddadige verkrachting wordt beschreven, gevolgd door moord en bloederige wraak. Terwijl Susan het boek leest, krijgt ze meer en meer het idee dat dit Edwards manier is om wraak op haar te nemen. Voor iets wat lang geleden is gebeurd.

Nocturnal Animals werd erg goed ontvangen door critici en zou omschreven kunnen worden als een “intelligente thriller”. Het is ook erg spannend. De scènes die zich in het boek afspelen zijn snoeihard, zeker als Aaron Taylor-Johnson als de psychopaat Ray Marcus zijn intrede doet. En Michael Shannon geeft met zijn rol als sheriff Bobby Andes weer eens zijn eigen invulling van de term “intens acteren”. En toch wist Nocturnal Animals mij niet helemaal te pakken.

Het is een typische film met nadruk op de visuele elementen. Veel moet duidelijk worden uit wat er gebeurt en wat je ziet, niet zozeer uit wat wordt gezegd. Zo gaf Ford aan dat de dansende vrouwen symbool staan voor een gevoel van bevrijding en schaamteloosheid, wat weer contrasteert met Susans depressie.

Leuk, maar het zorgt vooral voor momenten die ik niet direct kan plaatsen, waardoor de film dreigde in te zakken. Dat neemt niet weg dat Ford er wel in slaagde zijn tweede film een heerlijk duistere sfeer mee te geven. Dit maakt Nocturnal Animals nog zeer de moeite waard.

La La Land

Op een uitzondering na heb ik een hekel aan musicals. Omdat La La Land is geregisseerd door Damien Chazelle, verantwoordelijk voor de krachttoer Whiplash, en ik na alle positieve recensies toch wel erg nieuwsgierig was geworden, besloot ik deze film toch een kans te geven.

Sebastian (Ryan Gosling) is een pianist die speelt in clubs, Mia (Emma Stone) een serveerster die hoopt ooit door te breken als actrice. Ze ontmoeten elkaar, gaan door het wel en wee dat elk koppel met dromen heeft, en trekken er hun lessen uit.

Vanaf het begin van de film is één ding duidelijk: de cast en crew hadden er zin in. Of het nu een shot is van een ellenlange file, of een dansscène tussen Gosling en Stone, het plezier spat ervan af. De hoofdrolspelers mogen dan geen professionele musicalsterren zijn, hun prestaties staan als een huis. Zeker Gosling is sterk als jazzpianist die een eigen club ambieert. Zodra het gespreksonderwerp op jazz komt en Mia aangeeft er niks mee te hebben, moet Sebastian zich zichtbaar inhouden niet op zijn tong te bijten van frustratie. Stone zorgt voor meer luchtig tegenspel en laat bovendien zien een goed gevoel voor komedie te hebben. Heerlijk als ze Sebastian voor lul zet tijdens een optreden of weer eens naar een auditie gaat waarin het ongemak steeds erger wordt.

Chazelle maakt het af met zoveel mogelijk cinematografische hoogstandjes. De camera zwiept, zoeft en glijdt door en langs de kleurrijke decors, en dankzij de aandacht voor de details is elke scène een juweeltje op zich. Hij vindt ook nog de tijd een boodschap in het verhaal te verwerken – hoe ver wil je gaan voor je dromen, wat als je droom niet uitkomt – waardoor La La Land een beetje een rafelrandje krijgt. Het zorgt ervoor dat de film niet te zoet wordt.

Goed, het eind had korter gekund, en het aantal Oscars is wel erg veel, ik heb erg veel van deze musical genoten.

FilmBekeken Filmtop #32