House of the Dead

Ik had er geen idee van dat Uwe Boll al voor House of the Dead bezig was een oeuvre op te bouwen. Zelfs Heart of America verscheen nog voor dit… ehm… anti-meesterwerk? Hij baseerde zich voor deze film op het gelijknamige spelletje, wat ik jaren geleden voor het eerst speelde. Het is een schietspel, puur bedoeld om even de frustraties van de dag weg te knallen. Geen diepgaande personages of verhaal, gewoon lekker richten en schieten. Boll besloot dat dit een goeie basis zou vormen voor een succesvolle film. In House of the Dead volgt hij een groepje tieners.

Hun bedoeling is om naar een eilandje te gaan waar een feest vol drank en mooie vrouwen wordt georganiseerd. Ze reizen per schip, de kapitein waarschuwt ze nog dat het eiland wordt ook wel “Isla del Morte” genoemd. Er is geen Spaanse taalkennis voor nodig om de onheilspellende boodschap van die drie woorden duidelijk te maken. Het groepje komt er snel genoeg achter waar het eiland zijn reputatie aan te danken heeft. Het stikt er van de zombies die graag hun tanden in mensenvlees zetten.

Vanaf de eerste scène schuurt het. Ik vraag mij alleen af waarom. Ik heb het dan niet over het goedkope uiterlijk, slechte acteerwerk, clichématige plot of de meestal nauwelijks verstaanbare dialogen. Er is iets anders. Een storingszender die zich goed heeft verstopt, maar wel in iedere frame aanwezig is. Het duurt even voor ik hem in woorden kan vatten. Boll heeft namelijk het filmische equivalent van het spel gemaakt, een schietfilm met de nadruk zombies afknallen. Hij wil zijn publiek vermaken met zogenaamd spectaculaire actiescènes, waarbij de personages coole trucjes uitvoeren en ontsnappen aan de zwaartekracht.

Om ons eraan te herinneren dat House of the Dead op het gelijknamige spel is gebaseerd, zitten er nog superkorte fragmenten van het spel in de film verwerkt.

Die benadering kan goed uitpakken, de uitwerking is zo klungelig dat het bijna grappig wordt. Voor een B-film zijn de actiescènes nochtans niet slecht, zie het vuurwapengevecht tijdens de climax. Maar omdat ik geen greintje sympathie voel voor de bordkartonnen personages, slaat het allemaal behoorlijk hard dood. Kan mij het wat schelen wie het gruwelavontuur overleeft, laat die zombies in hemelsnaam iedereen aan stukken scheuren. Het lijkt trouwens of Boll die zombies superkrachten heeft toegedicht. Net als de personages halen de ondoden de wonderbaarlijkste stunts uit, alsof zij in de flexibele wereld van The Matrix zijn beland. In een spel zou dit nog cool zijn. In een film is het ronduit idioot.

Om ons eraan te herinneren dat House of the Dead op het gelijknamige spel is gebaseerd, zitten er nog superkorte fragmenten van het spel in de film verwerkt. Waarom Boll voor deze creatieve invalshoek heeft gekozen? Geen idee. Misschien is het zijn manier van sluikreclame. Net als de borden waar met megagrote letters “SEGA” op staat geschreven. Ik zou het nog als grapje beschouwen, ik vrees dat Boll zijn materiaal daarvoor te serieus neemt. Als ik het spel niet zou kennen, zou ik mij na deze film absoluut niet geroepen voelen om het te spelen.

Regie: Uwe Boll. Met: Will Sanderson en Clint Howard

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.