Phantom Thread

Phantom Thread is mij bijgebleven als een droom. Reynolds Woodcock is een succesvolle jurkenmaker in de jaren vijftig, een workaholic die zijn leven tot op de tel regisseert. De regie wordt verstoord als hij de serveerster Alma ontmoet. Als zijn nieuwste muze mag ze model staan voor jurken en aan zijn zijde zitten bij etentjes. Als Reynolds genoeg heeft van haar aanwezigheid weet hij nog niet dat zij een duistere kant heeft. Phantom Thread neemt de kijker mee naar een bijzondere wereld waarin twee persoonlijkheden tegenover elkaar komen te staan.

Reynolds is een controlfreak die geen tegenspraak duldt en van streek raakt als zijn routine wordt onderbroken. Alma hunkert naar liefde en aandacht, iemand die zich kan openstellen. Hun relatie ontwikkelt zich tot een psychologische oorlogs waarin de twee geliefden elke geïrriteerde blikken toewerpen of villeine opmerkingen maken. Tot Alma een macabere manier vindt om een fragiel evenwicht te vinden. Als Reynolds ziek is kan hij alleen hulpeloos in bed liggen en valt zijn pantser weg. Reken maar dat Alma staat te trappelen om haar man de nodige aandacht te geven. Maar dan moet hij dus wel ziek worden.

Paul Thomas Anderson weet vanaf het begin een magisch-realistisch sfeertje op te roepen die gaandeweg onder de huid kruipt. Zo heb ik het idee dat er een filter over het beeld is gedaan waardoor alles een tikje wazig is. Om het sfeertje compleet te maken heeft de regisseur voor de soundrack de hulp ingeroepen van Jonny Greenwood (gitarist van Radiohead) zodat we kunnen rekenen op hypnotiserende klanken. Het maakt van Phantom Thread een ervaring zoals alleen Anderson die kan creëren.

anderson kwam op het idee voor de film toen hij zelf ziek in bed lag en zijn vrouw hem verzorgde

Daniel Day-Lewis en Vicky Krieps leveren zulk overtuigend werk dat hun duistere romance geloofwaardig overkomt. Lewis maakt van zijn optreden een waardige zwanenzang. Met kleine gebaren weet de acteur het publiek deel te laten maken van de gevoelswereld van de introverte jurkenmaker. Als hij Alma weghaalt uit een danszaal zonder één woord dialoog te spreken, zegt hij eigenlijk “ik hou van je”. Alles, maar dan ook alles wat hij doet, van de kleinste gebaartjes tot zijn manier van praten, klopt. Krieps weet Lewis prachtig tegenspel te bieden en is heerlijk ongrijpbaar als de mysterieuze Alma. Hun personages weigeren  voor elkaar te buigen en zien zich gedwongen een vraag te stellen: hoe ver zijn ze bereid om te gaan? Het antwoord: heel erg ver. 

Paul Thomas Anderson/Daniel Day-Lewis en Vicky Krieps

 

 

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: